Demo


DE KERN: DURF TE VERANDEREN

De zorg staat voor een ingrijpende opgave: meer ouderen, zwaardere zorgvragen, en een krimpende beroepsgroep. Dit vraagt om fundamentele keuzes. Geen optimalisatie van het oude, maar een transformatie naar toekomstbestendige zorg. Bestuurders spelen hierin een sleutelrol, niet door alles zelf te doen, maar door de organisatie in beweging te brengen.

TOEKOMSTBESTENDIGE ZORG OP BASIS VAN DATA VRAAGT LEF VAN DE BESTUURDER

Digitalisering, het genereren van betrouwbare data over belangrijke zorgprocessen, is geen doel op zich, maar een hefboom voor eigenaarschap, reflectie en innovatie. In gesprek met Greetje de Grooth vertelt zij over haar ervaringen als zorgbestuurder. Digitale transformatie vraagt om leiders die durven te leren, los te laten en richting te geven. Juist door data breed te delen kunnen teams zelf leren en verbeteren.

INHOUDSOPGAVE

  1. Van controle naar vertrouwen
  2. Data als kompas voor verandering
  3. Leiderschap in de praktijk: leiden en loslaten Digitale transformatie vraagt strategisch leiderschap
  4. Continu verbeteren als strategie
  5. De les: leiderschap met lef maakt het verschil Bestuurders in de ouderenzorg

Greetje de Grooth Bestuurder met lef

Als cardioloog stelde Greetje zichzelf de vraag: ben ik een goede dokter? Niet alleen op gevoel, maar op basis van data. Die kwetsbaarheid werd haar kracht. Ze vroeg patiënten en collega’s om feedback en gebruikte de beschikbare data om zichzelf te verbeteren. Zo ontstond een cultuur van leren in plaats van beheersen. Dezelfde houding nam ze mee in haar bestuursfuncties.

Juist door zich open op te stellen, vond ze aanknopingspunten om te groeien in haar vak. Deze houding, kritisch durven reflecteren en handelen vanuit maatschappelijke

verantwoordelijkheid, vormt tot op de dag van vandaag het fundament van haar bestuurlijke visie.

Greetje de Grooth verbindt als bestuurder moeiteloos het medische en bestuurlijke domein.

Ze begon haar loopbaan als arts-onderzoeker in het AMC en specialiseerde zich als cardioloog in verschillende ziekenhuizen. In het LUMC groeide ze door tot hoofd van het poliklinisch bedrijf Hartziekten, waar haar focus verschoof naar kwaliteitsverbetering en procesoptimalisatie.

Haar bestuurlijke ervaring kreeg een impuls toen zij hoofd strategische programma’s en plaatsvervangend directeur werd bij het Directoraat Kwaliteit en Patiëntveiligheid van het LUMC. Daar zette zij koers op waardegedreven zorg, digitalisering en patiëntveiligheid.

Gaandeweg ontwikkelde haar methodiek zich van klassiek kwaliteitsdenken naar systematisch verbeteren, onder andere op basis van meetbare uitkomsten.

In 2021 maakte zij de overstap naar de VVT-sector als lid van de Raad van Bestuur van Haagse Wijk- en Woonzorg. Ze zocht de maatschappelijke opgave in de ouderenzorg op en wilde ervaren hoe digitale transformatie en kwaliteitsdenken ook in kleinschalige, mensgerichte zorgomgevingen tot hun recht komen. Haar achtergrond als medisch specialist helpt haar de verbinding te maken met professionals, maar haar grootste leerschool lag in het loslaten van inhoudelijke sturing en en het leren vertrouwen op processen, data en collega’s.

Greetje is ook actief als toezichthouder, onder meer bij Cordaan en het Wilhelmina

Ziekenhuis Assen en levert bijdragen aan diverse landelijke werkgroepen over zorgkwaliteit en innovatie. Haar bestuursstijl is reflectief, transparant en gericht op het scheppen van condities waarin medewerkers eigenaarschap nemen en de zorg structureel verbeteren.

Van controle naar vertrouwen

Zorgbestuurders in VVT-organisaties vertragen zichzelf vaak in de digitale

transformatie. Niet door onwil, maar door diepgewortelde bestuursreflexen: de hang naar zekerheid, de behoefte aan controle en de terughoudendheid om te bewegen zonder voorspelbare uitkomst.

Digitalisering en data gedreven werken wordt breed erkend als noodzakelijk, maar veel organisaties blijven hangen in analyse en intentie. Volgens Greetje ligt dat niet aan onwil, maar aan klassieke bestuursculturen waarin risicomijdend gedrag genormaliseerd is. Die houding staat haaks op de wendbaarheid die de digitale transformatie vereist. En die transformatie is geen luxe, maar bittere noodzaak.

De demografische realiteit is helder: het aantal ouderen stijgt, de zorgzwaarte neemt toe, terwijl het aantal beschikbare zorgverleners fors daalt. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek en de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid raakt het zorgsysteem overbelast als we blijven werken zoals we nu doen. Dit is geen theoretisch risico, maar een reëel toekomstbeeld.

De urgentie vraagt om fundamenteel anders denken aan de bestuurstafel. Optimalisatie van het bestaande is niet goed genoeg. Bestuurders moeten erkennen dat het huidige model niet schaalbaar is. Dat vraagt om loslaten van beheersreflexen en het toelaten van technologie, data en nieuwe organisatievormen. Het vraagt om leiderschap dat niet stuurt op zekerheid, maar op adaptiviteit en eigenaarschap. Zoals Greetje stelt: “We hebben het niet over een keuze, maar over een noodzakelijke beweging.” Digitalisering maakt het mogelijk om medewerkers te ontlasten, processen te automatiseren, zorg doelmatiger en